Baskenland is een gidsland
‘Nederland is een gidsland.’
Je moet Nederland uit om te beseffen dat Nederland deugt. Ik ben in Baskenland, Spanje, en daar hoor ik dat Nederland een gidsland is. Rogier* vertelt het me. Rogier is Belg, werkt in Nederland, is fan van Nederland en heeft misschien daarom zijn Vlaamse tongval zo goed als afgeleerd. Nederlandse Brabanders denken dat ie uit Limburg komt, Limburgers zien of horen hem aan voor een Noord-Brabander en Belgen menen zeker te weten dat Rogier ‘unne Ollander’ is.
Rogier is Vlaams en vindt Nederland een gidsland. Want AOW, productiviteit, klantvriendelijkheid en goede pensioenen. Waarbij dat laatste volgens Rogier om een toelichting vraagt. ‘Gepensioneerde Belgen hebben ook een prima pensioen, maar België kan dat eigenlijk niet betalen. Jullie pensioenen zijn gedekt, de onze niet. Dat gaat een keer enorm mis.’ De echtgenote van Rogier legt uit dat zij, werkend, de pensioenen betaalt voor de ouderen en dat er straks niemand is om haar pensioenen te betalen.
‘Jullie zijn ons gidsland,’ zegt Rogier in een hotelbar in Baskenland. Een bijzondere bar, want de bardame tapt elke keer een biertje als iemand een glas wijn bestelt. Daarna zegt ze sorry en schenkt alsnog een Rioja in.
Ik vind Nederland geen gidsland, want ik vind dat een goede oudedagsvoorziening belangrijk is, maar dat er voor het predicaat gidsland meer nodig is.
Baskenland, dát is pas een gidsland.
Op 1 mei ben ik in Bilbao en zijn er marsen door de stad van socialisten, republikeinen, republikeinen die tevens socialist zijn en socialisten die niet republikeins zijn en die dat wel zijn. Ze zingen over solidariteit, slaan op trommels en op spandoeken staan dingen over gerechtigheid. Kom er maar eens om in Nederland.
In de Baskische steden Vittoria, Burgos en Bilbao hangen er in zowat elke straat Palestijnse vlaggen uit ramen en uit veel overheidsgebouwen een regenboogvlag. Alleen kustplaats San Sebastian doet niet mee, maar dat is dan ook een kakkineuze badplaats à la Nice of Cannes. Wie kak is, kan niet ook nog eens gids zijn.
Elk stadje in Baskenland heeft meer speeltuinen, parken en plantsoenen dan welke middelgrote of grote stad ook in Nederland. Overal zijn zebrapaden en bij elk zebrapad is het veilig oversteken – automobilisten stoppen nog voor de voetganger een voet op het wegdek heeft gezet. En dan doet Baskenland net als de rest van Spanje ook nog eens niet moeilijk over asielzoekers – om principiële en zakelijke redenen worden ze warm welkom geheten. Angst voor islamisering bestaat daar niet, ze hebben de strijd tegen Arabische overheersing eeuwen geleden al gewonnen.
Baskenland is dus een gidsland. Ook voor Rogier, al weet ie dat nog niet. Want Spanje bracht net als Nederland de pensioenleeftijd naar 67 jaar. Er is een staatspensioen en iedere werkende Spanjaard draagt daaraan bij. Dat pensioen is lager dan in België, maar is wel gedekt.
Misschien nog het mooiste aan Baskenland: in het regionale parlement daar zitten vooral erg gematigde nationalisten en sociaaldemocraten. Radicaal-linkse partijen zijn te vinden in de oppositie, maar aan antidemocratische extremistische partijen als PVV, Forum of die club van Markuszower doen ze er niet.
Baskenland is een gidsland.
(*Rogier heet eigenlijk anders)